In tijden dat media, bedrijfsleven en de overheid vaker worden gewantrouwd, kunnen familiebedrijven het verschil maken. Het vertrouwen in familiebedrijven is namelijk onverminderd hoog. Maar er is ook werk aan de winkel. “Het zijn geen heilige organisaties.”

Zowel werknemers als klanten hebben meer vertrouwen in familiebedrijven dan in gewone organisaties.

Driekwart van de ondervraagden heeft vertrouwen in familiebedrijven ten opzichte van 59 procent in gewone bedrijven. Dat blijkt uit een grootschalig imago-onderzoek van Edelman, een Amerikaans marketingkantoor. Edelman ondervroeg 15.000 mensen in 12 verschillende landen, waar Nederland overigens niet bij zat.

Een kleine meerderheid (54 procent) van de ondervraagden zou liever voor een familiebedrijf werken dan voor een ander bedrijf. En 66 procent is bereid om meer te betalen voor producten of diensten van een familiebedrijf.

Roberto Flören is hoogleraar Familiebedrijven en Bedrijfsoverdracht verbonden aan Nyenrode Business Universiteit. Flören ziet dat ook in Nederland het vertrouwen in familiebedrijven hoog is. Hij noemt verschillende oorzaken.

Familiebedrijven zijn vaak goed voor hun personeel. “De familie heeft een sterke band met het personeel. Ze doen boodschappen in dezelfde supermarkt en komen elkaar tegen op de voetbalclub”.

Een andere kracht is volgens Flören de manier waarop familiebedrijven zijn gefinancierd. “Vaak zijn ze behoudend gefinancierd en zit er veel eigen vermogen in”.

Maar op andere terreinen laat het imago van familiebedrijven nog te wensen over. Uit het wereldwijde onderzoek blijkt dat mensen familiebedrijven niet zien als langetermijndenkers en ook niet als vernieuwers. Dat laatste herkent Flören maar dat eerste niet.

“Veel familiebedrijven zijn minder gericht op formeel opschrijven van plannen. Dat kan gedeeltelijk verklaren waarom mensen hen niet als langetermijndenkers zien, maar ik onderschrijf dat niet,” zegt Flören.

De ondervraagden hebben minder bewondering voor bestuursvoorzitters die een bedrijf hebben geërfd dan voor mensen die hun bedrijf zelf hebben opgezet.

Flören denkt dat dat voor meer aspecten in het leven geldt: “Dat is de reden dat Napoleon al de erfbelasting heeft ingesteld. Er is natuurlijk een verschil hoe men met het overgenomen bedrijf en vermogen omgaat. Sommigen breiden het bedrijf uit en gooien hun ziel en zaligheid erin. Anderen teren op het geld van de ouders. Daar kunnen de verschillen in respect naar voren komen”.

Het is overigens volgens Flören niet gemakkelijk om een bedrijf over te nemen en in de voetsporen van de oudere generatie te treden. “Je kunt het eigenlijk alleen maar fout doen”.

Bron: RTL Nieuws, www.rtlnieuws.nl, 30 september 2017