Nederlandse familiebedrijven dreigen hun toevlucht te zoeken tot de Anglo-Amerikaanse trustvorm om vermelding in een nieuw, publiek toegankelijk aandeelhoudersregister te ontlopen. Ze willen op die manier hun privacy veilig stellen.

De animo voor de buitenlandse trust blijkt uit een informele peiling van adviesbureau EY onder zijn cliënten in Nederland. ‘Van de grote particuliere ondernemingen geeft 75% te kennen beschermende maatregelen te willen nemen en oriënteert zich daarbij op de trustformule’, zo stelt Ernst Groenteman, partner bij EY en gespecialiseerd in familiebedrijven.

Door een vennootschap onder te brengen in een Anglo-Amerikaanse trust hoeven ondernemers niet aan iedereen opening van zaken te geven over het aandelenbezit in hun bedrijf. Zij omzeilen daarmee het nieuwe openbare register in Nederland, waarin aandeelhouders met een belang vanaf 25% met naam en toenaam worden opgenomen.

De nieuwe databank, een uitvloeisel van een Europese richtlijn bedoeld om misbruik van vennootschappen door criminelen en terroristen tegen te gaan, heeft voor grote beroering gezorgd onder familiebedrijven. Ondernemers vrezen voor hun persoonlijke veiligheid en die van familieleden als gegevens over hun vermogen publiek worden.

In het register komt precies te staan hoe grote aandelenpakketten verdeeld zijn en welke personen daar recht op hebben. In combinatie met de verplichte deponering van jaarrekeningen van familiebedrijven kan de buitenwereld zo ongeveer berekenen hoeveel een individuele aandeelhouder waard is.

Door het openbare karakter van het register kunnen de gegevens in verkeerde handen komen en de aandeelhouders sneller doelwit worden van kidnapping of afpersing.

Volgens onderzoek van EY heeft de helft van de grotere Nederlandse familiebedrijven in het verleden al maatregelen getroffen om de anonimiteit van hun aandeelhouders te waarborgen. Zij hebben daartoe in veel gevallen gekozen voor de commanditaire vennootschap of de oprichting van een stichting administratiekantoor die de aandelen beheert en de eigenaren aan het oog van de buitenwereld onttrekt.

Maar met de komst van het aandeelhoudersregister missen deze juridische constructies hun doel. De eigenaren kunnen zich niet meer verschuilen omdat de overheid een groter instrumentarium zegt nodig te hebben om criminele handelingen met vennootschappen tegen te gaan.

De Anglo-Amerikaanse trust biedt nog een uitweg omdat de Britten in EU-verband hebben bedongen dat deze rechtsvorm buiten schot blijft. Gegevens over de personen achter de trust worden geregistreerd in een apart afgeschermd register dat niet voor buitenstaanders toegankelijk is. Nederlandse vennootschappen die onder de trust worden gehangen, blijven in principe gewoon actief in eigen land. De statutaire zetel blijft in Nederland en ook in de leiding van de onderneming hoeft niets te veranderen.

In fiscaal opzicht heeft de trustconstructie geen voordelen meer te bieden. Sinds 2010 is het belastingtechnisch niet meer interessant om hiervoor te kiezen. ‘De belangrijkste reden om de trust op te tuigen is de bescherming van de persoonlijke levenssfeer van de ondernemer en zijn familie’, zegt Dirk van Beelen, executive director private client services bij EY.

In hoeverre ondernemers daadwerkelijk gebruik gaan maken van deze vluchtroute is afhankelijk van de precieze wetgeving waarin het aandeelhoudersregister wordt gegoten. Minister Dijsselbloem van Financiën zal daartoe nog een consultatieronde organiseren met deskundigen. De bedoeling is dat het nieuwe register in de loop van 2017 in werking treedt.

Het Financieele Dagblad, www.fd.nl, 9 maart 2016